Details
Naam
De Huif, Driehuizerkweg 12, Driehuis




















Aantal afbeeldingen: 21
IntroductieKleurrijk woonhuis met uniek dak, lange tijd bewoond door de kunstenaar Ben Kamp en zijn gezin.
AdresDriehuizerkerkweg 12
Postcode(s)1985 EL
PlaatsDriehuis
LandNederland
Vervaardiger Chris Bartels (Architect)
Datum1921 - 1922
Huidige staatDeels of volledig gerenoveerd
Opdrachtgever W. van Heijst
Huidige eigenaarParticuliere eigenaar
Oorspronkelijke functieWoonhuis (vrijstaand)
Huidige functieWoonhuis (vrijstaand)
Type objectGebouw
AchtergrondHet vrijstaande woonhuis ‘De Huif’ werd in 1921-1922 gebouwd door de aannemer W. van Heijst, naar ontwerp van architect Christiaan Bartels. De opdrachtgever was Van Heijst zelf, Van Heijst ging echter failliet en het huis werd in 1922 verkocht aan de Haarlemse kunstenaar Johan Bernard (Ben) Kamp, geboren 1884. Deze betrok het huis samen met zijn vrouw Dina en twee dochters. Bartels, die een paar huizen verderop woonde, en Kamp raakten goed bevriend.
Door het faillissement was Van Heijst niet in staat geweest het huis aan de binnenkant af te werken en te schilderen. Vrienden van het Haarlemse kunstgenootschap KZOD en sprongen bij en op 22 februari 1923 kon de familie Kamp het huis betrekken.
In 1936 bouwde Bartels op verzoek van Kamp een aanbouw onder plat dak aan de achterkant, waardoor het huis een extra kamer kreeg, grenzend aan de keuken.
Kamp was de zoon van een bakker. Hij doorliep de Kunstnijverheidsschool in Haarlem en werkte vanaf 1901 als ontwerper op het bureau van Eduard Cuypers, waar hij vooraanstaande Amsterdamse School architecten als Van der Meij, Kramer en De Klerk ontmoette. In 1915 werd hij leraar aan de Kunstnijverheidsschool in Haarlem. Dit instituut heeft een belangrijke rol gespeeld bij de verspreiding van de Amsterdamse School-stijl. De vrouw van Kamp, Dina Delcourt, was eveneens werkzaam geweest als ontwerper op het bureau van Cuypers en zou later nog vaak textielontwerpen maken.
Voor liefhebbers van het tijdschrift Wendingen is Kamp geen onbekende. In het zogenaamde 'Houtsneden-nummer' uit 1919 is een houtsnede van Kamp afgedrukt, getiteld 'De Greep'. De zeshoekige houtsnede toont een zeemeermin met weelderig haar, omspoeld door golven.
Door het faillissement was Van Heijst niet in staat geweest het huis aan de binnenkant af te werken en te schilderen. Vrienden van het Haarlemse kunstgenootschap KZOD en sprongen bij en op 22 februari 1923 kon de familie Kamp het huis betrekken.
In 1936 bouwde Bartels op verzoek van Kamp een aanbouw onder plat dak aan de achterkant, waardoor het huis een extra kamer kreeg, grenzend aan de keuken.
Kamp was de zoon van een bakker. Hij doorliep de Kunstnijverheidsschool in Haarlem en werkte vanaf 1901 als ontwerper op het bureau van Eduard Cuypers, waar hij vooraanstaande Amsterdamse School architecten als Van der Meij, Kramer en De Klerk ontmoette. In 1915 werd hij leraar aan de Kunstnijverheidsschool in Haarlem. Dit instituut heeft een belangrijke rol gespeeld bij de verspreiding van de Amsterdamse School-stijl. De vrouw van Kamp, Dina Delcourt, was eveneens werkzaam geweest als ontwerper op het bureau van Cuypers en zou later nog vaak textielontwerpen maken.
Voor liefhebbers van het tijdschrift Wendingen is Kamp geen onbekende. In het zogenaamde 'Houtsneden-nummer' uit 1919 is een houtsnede van Kamp afgedrukt, getiteld 'De Greep'. De zeshoekige houtsnede toont een zeemeermin met weelderig haar, omspoeld door golven.
BeschrijvingDe naam van het huis is uiteraard ontleend aan de karakteristieke vorm van het dak. Het huis staat iets gedraaid ten opzichte van de loop van de Driehuizerkerkweg. Los van de opvallende kleurstelling (groen, oranje, geel) is het schilddak zeer karakteristiek. De dakschilden boven de voor- en achtergevel zijn bijna verticaal geplaatst. De dakschilden boven de zijgevels hebben een zeer geringe hellingshoek en steken ver over de zijgevels heen. De kap lijkt als het ware een kwartslag gedraaid.
De gevels hebben een lage plint van paarsbruine baksteen, waarboven gele baksteen van Waalformaat. De voorgevel heeft in het midden de oorspronkelijke voordeur, die uit twee delen bestaat en met zijn harmonicavormen verwant lijkt aan het Tsjechische kubisme. Links ervan is een groot venster met een in 1936 toegevoegd glas-in-loodraam, waaronder een houten bankje is aangebracht.
De linker zijgevel is op de verdieping met rabatdelen bedekt. Hierin zit een groot liggend venster met vier ramen, de buitenste breed en de middelste smal. Het venster is voorzien van een naar het midden toe bollende, decoratieve onderdorpel, ondersteund door een eveneens uitbollende T-vormige console.
In 1936 ontwierp Bartels in opdracht van Kamp een rechthoekige aanbouw aan de achtergevel. Deze aanbouw is met zijn in staal gevatte ramen karakteristiek voor de jaren 30, maar doet geen afbreuk aan het oorspronkelijke ontwerp.
De gevels hebben een lage plint van paarsbruine baksteen, waarboven gele baksteen van Waalformaat. De voorgevel heeft in het midden de oorspronkelijke voordeur, die uit twee delen bestaat en met zijn harmonicavormen verwant lijkt aan het Tsjechische kubisme. Links ervan is een groot venster met een in 1936 toegevoegd glas-in-loodraam, waaronder een houten bankje is aangebracht.
De linker zijgevel is op de verdieping met rabatdelen bedekt. Hierin zit een groot liggend venster met vier ramen, de buitenste breed en de middelste smal. Het venster is voorzien van een naar het midden toe bollende, decoratieve onderdorpel, ondersteund door een eveneens uitbollende T-vormige console.
In 1936 ontwierp Bartels in opdracht van Kamp een rechthoekige aanbouw aan de achtergevel. Deze aanbouw is met zijn in staal gevatte ramen karakteristiek voor de jaren 30, maar doet geen afbreuk aan het oorspronkelijke ontwerp.
InterieurHet interieur is ondanks de uitbouw van bescheiden afmetingen en grotendeels gemoderniseerd, op de keuken na; die bevat nog originele elementen uit de bouwtijd.
Recente ontwikkelingenOorspronkelijk had het huis een eigen tuinhekje, ontworpen door Bartels. Dit is echter verloren gegaan.
Het huis is enkele jaren geleden door de huidige eigenaar gerenoveerd, waarbij zo veel mogelijk authentieke elementen zijn hersteld en ook kleurherstel heeft plaatsgevonden.
Het huis is enkele jaren geleden door de huidige eigenaar gerenoveerd, waarbij zo veel mogelijk authentieke elementen zijn hersteld en ook kleurherstel heeft plaatsgevonden.
Bronnen
Joke van der Aar en Michaël Lucassen, Driehuis, Velserbroek en de Zuid- en Noord-Spaarndammerpolder. Bebouwingsgeschiedenis en monumentale waarden (Schuyt & Co Uitgevers en Importeurs BV, Haarlem 1993).
Ingezonden door Gert-Jan Lobbes
Professionele of persoonlijke bandIk fotografeerde het huis op een zonovergoten dag met verse sneeuw in februari 2021. Met dank aan de eigenaren voor de ontvangst en rondleiding.
Gerelateerde objecten